Is het beveiligen van uw bedrijfsterrein met camera’s privacyproof?!

Ik hoor u denken: als het terrein mijn eigendom is of door mij gehuurd wordt, dan mag ik toch zelf weten of ik camera’s ophang? Dat is niet altijd het geval. Als er personen gefilmd worden, dan is sprake van verwerking van persoonsgegevens en dan is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) van toepassing. Wat betekent dit concreet?

AVG

Op grond van de AVG mogen persoonsgegevens alleen worden verwerkt als sprake is van een grondslag, zoals een gerechtvaardigd belang. Als voldaan is aan de volgende drie voorwaarden, kan men spreken van een ‘gerechtvaardigd belang’:

1. Het belang moet gerechtvaardigd zijn, inhoudende dat dit in lijn moet zijn met het recht. Ook moet het belang voldoende duidelijk en daadwerkelijk aanwezig zijn;

2. De inbreuk op de privacy moet in verhouding staan tot het doel en het doel mag niet op minder nadelige manier bereikt kunnen worden;

3. Het belang van de zogeheten “verantwoordelijke” moet zwaarder wegen dan de belangen van de betrokkenen en de verantwoordelijke moet inspanningen hebben verricht om het nadeel voor de betrokkenen te beperken.

Cameratoezicht

Vorig jaar heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) beslist dat een eigenaar van bedrijfspanden een gerechtvaardigd belang kan hebben om zijn eigendommen te beveiligen met camera’s. Na een klacht van twee omwonenden heeft de AP onderzoek gedaan bij het betreffende bedrijfspand. De AP oordeelde als volgt:

1. De bescherming van eigendom is een grondrecht. Er is daarom sprake van een gerechtvaardigd belang. Daarnaast heeft bij de betreffende eigenaar in het verleden een incident plaatsgevonden, waardoor vaststaat dat het belang daadwerkelijk aanwezig is.

2. De inbreuk op de privacy van omwonenden staat in verhouding tot het doel (beveiligen van het pand en het kunnen onderbouwen van een eventuele aangifte), nu de camera’s zo zijn afgesteld dat voorbijgangers zo min mogelijk in beeld komen. Het is volgens de AP noodzakelijk dat zij gefilmd worden, omdat anders het doel niet bereikt wordt. Het is dan ook niet mogelijk het doel op een minder nadelige manier te bereiken.

3. Tot slot heeft de eigenaar van de panden voldoende waarborgen getroffen om ongewenste gevolgen voor omstanders te beperken. Zo worden de beelden gedurende een beperkte termijn van twee weken bewaard en automatisch gewist. Daarnaast is de videorecorder beveiligd met een wachtwoord. Tot slot worden voorbijgangers over het cameratoezicht geïnformeerd door middel van stickers op de deur van het bedrijfspand en op de voordeur van de bedrijfswoning.

De AP oordeelde dat de eigenaar van de bedrijfspanden niet in strijd met de privacywetgeving handelt en het gebruik van de camera’s rechtmatig is.

Tips

Het is belangrijk om de betrokkenen te informeren over het gebruik van camera’s, bijvoorbeeld door middel van bordjes of stickers. Ook mogen de beelden niet langer dan noodzakelijk bewaard worden. De AP acht in deze casus een termijn van twee weken redelijk.

Om de privacy van betrokkenen optimaal te waarborgen, beveelt de AP daarnaast de volgende maatregelen aan:

  • Wijzig het wachtwoord van de videorecorder ten minste tweemaal per jaar;
  • Maak afspraken met de leverancier van de camera’s over wie de bestanden periodiek controleert; en
  • Zorg ervoor dat het wifinetwerk waarop de camera’s verbonden zijn, gescheiden is van het netwerk waarop gasten kunnen inloggen.

Tot slot

Heeft u vragen? Neem dan contact op met onze privacyspecialist mr. Marieke van Gelder. Zij is bereikbaar op 088 – 88 40 840 of via mvangelder@vangelderadvocaten.nl